Brabants Beste Rob Hoppenbrouwers ontvangt op 14 juni de andere Brabants Besten met veel enthousiasme en een rode loper. Voordat hij zijn bedrijf laat zien, vertelt hij waarom hij de structuur van het autoschadebedrijf heeft veranderd. In 2010 had Rob Hoppenbrouwers net een nieuwe vestiging geopend in Roosendaal toen de crisis ook zijn tol eiste in de autoschadebranche. “We moesten efficiënter gaan werken omdat de tarieven van verzekeraars naar beneden gingen.” Rob haalde er adviseurs bij om dat te kunnen bereiken en het advies luidde: investeer in werkplezier. Hoppenbrouwers heeft daar vol op ingezet. Van werken in losse afdelingen ging Hoppenbrouwers naar werken in kleine teams. Dat betekende dat iedereen allround moest gaan werken. Ondanks twijfels hebben de medewerkers zelf het laatste zetje gegeven om te veranderen.

 

Werken in kleine teams

In de rondleiding komt het werken in teams in wat meer detail naar voren. In Bergen op Zoom werken drie teams met maximaal zeven medewerkers per team.De teams zijn ingedeeld op de grootte van de schade. Ieder team heeft een teamleider die is gekozen uit de medewerkers. De teamleiders wrden niet zomaar in het diepe gegooid. Zij krijgen regelmatig trainingen en mettertijd krijgen ze steeds meer verantwoordelijkheden. Het werken in teams heeft veel opgeleverd voor Hoppenbrouwers. Er zijn nu altijd voldoende spuiters en in de kleine groepjes is aandacht voor mensen die niet direct helemaal goed meekomen. Daardoor kunnen deze mensen  binnen het bedrijf blijven en zich verder ontwikkelen. “Omdat je ze er echt bij betrekt, krijg je een enorme binding met het bedrijf,” zegt Rob met een grote lach. “Na een half jaar hebben we aan de teams gevraagd of ze zouden willen wisselen, maar niemand wilde wisselen, zelfs niet voor een dag! Dat komt omdat je echt onderdeel bent van een team.” De maatregelen kwamen voort uit noodzaak, maar uiteindelijk leveren ze veel meer op.

 

Lef en vertrouwen

Toch is de verandering niet zonder slag of stoot gegaan. Niet iedereen kon de nieuwe manier van werken aan. Naast de vele jonge gezichten zijn er medewerkers die al heel lang in dienst zijn van Hoppenbrouwers. “Jan werkt al 38 jaar bij ons en heeft veel veranderingen meegemaakt.” Maar, zegt Jan zelf, als hij niet tevreden zou zijn, zou hij niet zijn gebleven. “Er is genoeg werk.”  Volgens Rob heeft Hoppenbrouwers veel geïnvesteerd in de samenwerking. “Samenwerking is voor vakmensen vaak een uitdaging.” En die goede samenwerking is volgens Rob bepalend voor het succes van deze formule. Het succes van de organisatieverandering bij Hoppenbrouwers is ook in de markt opgevallen. Het bedrijf krijgt regelmatig bezoek van allerlei bedrijven die willen weten wat het geheim van het succes van Hoppenbrouwers is. Ondanks de grote interesse zijn er eigenlijk geen concurrenten die het voorbeeld van Hoppenbrouwers volgen. “Veel mensen beweren dat dit concept bij hen niet zou werken. Om zo’n grote omslag te maken, heb je lef en vertrouwen nodig.”

 

Leiderschap

Lef en vertrouwen zijn ook de kenmerken die Rob Hoppenbrouwers typeren als leider, zo blijkt uit de discussie over leiderschap. “Mijn vader was veel meer een autoritair leider. Ik heb altijd gezegd dat ik het bedrijf niet zou overnemen, maar toen ik het uiteindelijk toch deed, heeft m’n vader me ook echt losgelaten.” Rob vindt werkplezier heel belangrijk. Hij wordt blij van problemen oplossen. De dromen van de medewerkers neemt Rob mee in zijn bedrijf, zelfs als die dromen verder reiken dan Hoppenbrouwers. Daar kunnen de anderen zich goed in vinden: “Sommige mensen waarschuwen dat je zo mensen kwijtraakt, maar zo’n beleid trekt juist mensen aan,” zegt een van de Brabants Besten. Rob is het daar mee eens: “Problemen lossen zichzelf altijd weer op. Ik durf dus ook steeds meer risico te nemen, want het komt altijd goed.” Intuïtie, transparantie en verantwoordelijkheden delen zijn zomaar wat kernwaarden die de Brabants Besten noemen als kenmerken van leiderschap. Volgens een andere Brabants Beste is het vooral belangrijk om consistent en authentiek te zijn. Naar de medewerkers toe, maar ook naar de klanten. Dat is de enige manier om plezier te hebben in het werk en om te gaan met de bedreigingen die dagelijkse praktijk zijn voor autoschadebedrijven.